Het College van beroep van de Stichting Reclame Code heeft op 11 mei 2012 een belangrijke uitspraak gedaan over het vermelden van prijzen in autoreclame.
In de autobranche is het gebruikelijk dat adverteerders aanbiedingen doen op basis van een vanafprijs zonder de kosten van rijklaar maken te vermelden. Zo ook Kia. De Kia Picanto werd in een televisiecommercial en op de Kia-website aangeprezen als “Leverbaar vanaf EUR 7.995”. Daarover werd een klacht ingediend bij de RCC: voor de in de uitingen genoemde vanafprijs zou de auto niet kunnen worden gekocht. Er zouden altijd kosten voor rijklaar maken bij komen van ongeveer EUR 700.
Het College merkt de reclame van Kia aan als een uitnodiging tot aankoop. Bij een uitnodiging tot aankoop dient de volgende informatie te worden gegeven:
“de prijs, inclusief belastingen, of, als het om een soort product gaat waarvan de prijs redelijkerwijs niet vooraf kan worden berekend, de manier waarop de prijs wordt berekend, en, in voorkomend geval, alle extra vracht-, leverings- of portokosten of, indien deze kosten redelijkerwijs niet vooraf kunnen worden berekend, het feit dat er eventueel deze extra kosten moeten worden betaald”.
Het College overweegt principieel dat bij een uitnodiging tot aankoop altijd de “totale prijs” moet worden gegeven, dat wil zeggen een prijs waarin alle kosten zijn inbegrepen voor zover die (1) vooraf kunnen worden bepaald, (2) niet-vermijdbaar zijn en (3) niet uit de context van de uiting blijken. Als niet aan deze eisen is voldaan, dan moet worden bekeken of de gemiddelde consument door de uiting een beslissing kan nemen die hij niet had genomen als hij de totale prijs wél had gekend. Als dat zo is, dan is sprake van een misleidende handelspraktijk.
De vanafprijs van Kia is exclusief kosten rijklaar maken en diverse andere kosten (zoals legeskosten en verwijderingsbijdrage). Het College gaat ervan uit dat van al die kosten de hoogte bekend waren op het moment van publicatie van de reclame-uiting, en overweegt dat die kosten dus in de prijs hadden moeten worden opgenomen. Omdat de kosten rijklaar maken aanzienlijk zijn, en leiden tot een “belangrijk hoger aankoopbedrag”, zou de consument door de uiting een beslissing kunnen nemen die hij niet had genomen als hij de correcte totale prijs wél had gekend. Het College bestempelt het niet noemen van de correcte totale prijs als een misleidende omissie, en beveelt Kia aan om niet meer op een dergelijke manier reclame te maken.
Ik vind het ver gaan om een autoreclame met een vanafprijs te beschouwen als een uitnodiging tot aankoop. Doorslaggevend is of de informatie in de reclame-uiting en de prijs ervan voor de consument volstaat om een besluit over een aankoop te nemen. Dat kan m.i. per product verschillen. Bij auto’s lijkt mij dat bij uitstek niet snel het geval. Immers: de consument vindt opties en uitvoeringen belangrijk, net als rijeigenschappen. Die informatie blijkt niet uit de reclame-uiting. Hoe een auto aanvoelt merk je door het maken van een proefrit, niet door het bekijken van een televisiecommercial. Of koopt de gemiddelde consument net zo achteloos een auto als de hoofdpersoon uit deze commercial?
Wat daar van zij, voorlopig heeft de branche het met deze uitspraak te doen. Volgens het College is “blijkbaar sprake […] van de situatie dat binnen de desbetreffende branche een onjuiste opvatting bestaat omtrent de verplichtingen die bij de hier genoemde uitingen gelden indien sprake is van een uitnodiging tot aankoop. (…) Het College gaat (…) ervan uit dat de branche kennis neemt van deze uitspraak en zijn reclame-uitingen op televisie en op internet vervolgens zal aanpassen.”
Bij deze.
Daniël Haije
|
kantoor Emerald House Jozef Israëlskade 48-G Amsterdam t 020 - 305 3066 www.hoogenhaak.nl |
post Postbus 76780 1070 KB Amsterdam e info@hoogenhaak.nl f 020 - 305 3069 kvk 34314579 |
Het College van beroep van de Stichting Reclame Code heeft op 11 mei 2012 een belangrijke uitspraak gedaan over het vermelden van prijzen in autoreclame.
In de autobranche is het gebruikelijk dat adverteerders aanbiedingen doen op basis van een vanafprijs zonder de kosten van rijklaar maken te vermelden. Zo ook Kia. De Kia Picanto werd in een televisiecommercial en op de Kia-website aangeprezen als “Leverbaar vanaf EUR 7.995”. Daarover werd een klacht ingediend bij de RCC: voor de in de uitingen genoemde vanafprijs zou de auto niet kunnen worden gekocht. Er zouden altijd kosten voor rijklaar maken bij komen van ongeveer EUR 700.
Het College merkt de reclame van Kia aan als een uitnodiging tot aankoop. Bij een uitnodiging tot aankoop dient de volgende informatie te worden gegeven:
“de prijs, inclusief belastingen, of, als het om een soort product gaat waarvan de prijs redelijkerwijs niet vooraf kan worden berekend, de manier waarop de prijs wordt berekend, en, in voorkomend geval, alle extra vracht-, leverings- of portokosten of, indien deze kosten redelijkerwijs niet vooraf kunnen worden berekend, het feit dat er eventueel deze extra kosten moeten worden betaald”.
Het College overweegt principieel dat bij een uitnodiging tot aankoop altijd de “totale prijs” moet worden gegeven, dat wil zeggen een prijs waarin alle kosten zijn inbegrepen voor zover die (1) vooraf kunnen worden bepaald, (2) niet-vermijdbaar zijn en (3) niet uit de context van de uiting blijken. Als niet aan deze eisen is voldaan, dan moet worden bekeken of de gemiddelde consument door de uiting een beslissing kan nemen die hij niet had genomen als hij de totale prijs wél had gekend. Als dat zo is, dan is sprake van een misleidende handelspraktijk.
De vanafprijs van Kia is exclusief kosten rijklaar maken en diverse andere kosten (zoals legeskosten en verwijderingsbijdrage). Het College gaat ervan uit dat van al die kosten de hoogte bekend waren op het moment van publicatie van de reclame-uiting, en overweegt dat die kosten dus in de prijs hadden moeten worden opgenomen. Omdat de kosten rijklaar maken aanzienlijk zijn, en leiden tot een “belangrijk hoger aankoopbedrag”, zou de consument door de uiting een beslissing kunnen nemen die hij niet had genomen als hij de correcte totale prijs wél had gekend. Het College bestempelt het niet noemen van de correcte totale prijs als een misleidende omissie, en beveelt Kia aan om niet meer op een dergelijke manier reclame te maken.
Ik vind het ver gaan om een autoreclame met een vanafprijs te beschouwen als een uitnodiging tot aankoop. Doorslaggevend is of de informatie in de reclame-uiting en de prijs ervan voor de consument volstaat om een besluit over een aankoop te nemen. Dat kan m.i. per product verschillen. Bij auto’s lijkt mij dat bij uitstek niet snel het geval. Immers: de consument vindt opties en uitvoeringen belangrijk, net als rijeigenschappen. Die informatie blijkt niet uit de reclame-uiting. Hoe een auto aanvoelt merk je door het maken van een proefrit, niet door het bekijken van een televisiecommercial. Of koopt de gemiddelde consument net zo achteloos een auto als de hoofdpersoon uit deze commercial?
Wat daar van zij, voorlopig heeft de branche het met deze uitspraak te doen. Volgens het College is “blijkbaar sprake […] van de situatie dat binnen de desbetreffende branche een onjuiste opvatting bestaat omtrent de verplichtingen die bij de hier genoemde uitingen gelden indien sprake is van een uitnodiging tot aankoop. (…) Het College gaat (…) ervan uit dat de branche kennis neemt van deze uitspraak en zijn reclame-uitingen op televisie en op internet vervolgens zal aanpassen.”
Bij deze.
Daniël Haije